Nieuws

YOERI VAN DEN BUSKEN

Het hart sprak

Iemand vroeg mij laatst of ik de actualiteit van het voetbal niet mis. Ik moest daar even over nadenken. Maar het ‘nee’ overheerst uiteindelijk. Dat hoor je vaker bij mensen van mijn generatie (eind jaren zestig). Die hebben over het algemeen niet veel op met de hijgerigheid van deze tijd. Met het theatrale gedoe van spelers, de veel te dominante commercie, het gevecht om clicks en kijkcijfers dat de inhoud verdrukt, het politieke gekonkel, de overvloed aan mediaprogramma’s die allemaal hetzelfde doen.

Yoeri van den Busken

Het grote voordeel daarentegen van een vrijere rol is de afstand die je hebt en daardoor ook het vermogen tot relativeren. Als ik hoor dat Dick Advocaat met een stel zeventigers het vliegtuig pakt om het voetbal op Curaçao even te hervormen, moet ik daar erg om glimlachen. Ik gun Dick alles, ook bij zijn 26e klus, ik heb als journalist een geweldige periode meegemaakt met hem. Maar met hetzelfde tromgeroffel ging Guus Hiddink ook een keer die kant op en we hebben er niets meer van vernomen. Wel zou ik, als ik Netflix of ESPN was, alvast een cameraploeg vooruitsturen. De ideale docu voor de feestdagen aan het eind van dit jaar lijkt een formaliteit.

Ik benijd collega’s niet die zich nog steeds de blaren op de vingers moeten twitteren en de moeite nemen met honderden volgers in gesprek te gaan, zelfs als die in hun veilige anonimiteit de meest vreselijke verwensingen uitbraken. Als je clubwatcher bent hoort het er allemaal bij, zeggen ze dan. Maar hoe leuk het ook was om vrijwel dagelijks een elftal en staf op de voet te volgen; dit zou het me niet meer waard zijn. Ik heb de feestdagen dan ook gebruikt om mijn tijdlijn op het huidige X drastisch in te korten, zodat ik niet meer ongevraagd in de vuurlinie van een ander kom te staan. Ik wil zinnige dingen op mijn pad vinden, inspirerende teksten of filmpjes en mooie flarden nostalgie zoals na de dood van Franz Beckenbauer.

Het bericht dat Lionel Messi opnieuw is uitgeroepen tot beste voetballer van de wereld in 2023 hoef ik gelukkig ook niet serieus te nemen. Je zou er maar een ernstige analyse over moeten tikken… Het WK is meer dan een jaar geleden – toen vond ik het terecht. Maar met dat speeltuinvoetbal in Miami krijg je dus gewoon nog een keer zo’n prijs? Dan ga ik de kritiek van Louis van Gaal op die verrotte wereldvoetbalbond steeds beter begrijpen.

In hetzelfde stuk lees ik dat Sarina Wiegman voor de vierde keer de beste coach is bij het vrouwenvoetbal, ook als ze geen hoofdprijs wint en zelfs voortijdig uitgeschakeld wordt in de Nations League. Was het politiek ‘not done’ om de Spaanse coach Jorge Vilda (wereldkampioen na een guerilla in zijn selectie) te eren vanwege alles wat er is gebeurd?

Kortom, deze periode van terugblikken doet traditioneel veel stof opwaaien. De verkiezing van beste sportman, sportvrouw en sportploeg in Nederland is een eindeloze polemiek geworden, terwijl het niet reëel is de prestaties van pakweg Max Verstappen en Mathieu van der Poel volgens dezelfde criteria te beoordelen.

De NSP kan erover meepraten na de uitgereikte jaarprijzen, begin januari. Maar ik denk dat één categorie deze keer tot weinig discussie kan leiden. Thijs Slegers kreeg postuum de prijs voor de grootste scoop. Ik maak al een tijdje deel uit van de jury en telkens moeten we concluderen dat bijvoorbeeld de bekendmaking van een transfer tegenwoordig een secondenstrijd is tussen kranten- en voetbaltwitteraars. Dus op het moment dat de keiharde primeur ontbreekt, verhaspelen wij het woord scoop eigenlijk tot de volgende definitie: welk onderwerp had de meeste impact?

Net als mijn mede-juryleden Frank Woestenburg en Diana Kuip werd ik getroffen door de symboliek in het verhaal van Thijs Slegers. Zelf in zijn carrière altijd op jacht naar scoops en vorig jaar naar buiten gekomen met zijn eigen tragische nieuws – de acute leukemie die hem op 27 maart 2023 het leven zou kosten. Wat hij in de blessuretijd nog allemaal teweeg wist te brengen – zoals het werven van duizenden donoren – is even ontroerend als bewonderenswaardig.

Ik heb Thijs als ‘rookie’ zien komen met zijn tomeloze werklust. In het buitenland trokken we regelmatig samen op. De mannen van VI hadden nooit een huurauto, dus stapte hij tijdens trainingskampen van de topclubs bij ons (Telesport) in. Het was altijd gezellig en toch waren wij in alles verschillend. Hij rookte als een schoorsteen, was de hele dag druk, speurde overal naar nieuwtjes en wilde later een ‘merk’ worden – wat ook lukte. Hij was een ‘cowboy’ in ons vak, zoals toenmalig hoofdredacteur Johan Derksen het noemde.

Toen hij manager perszaken werd bij PSV en ik vertrok bij VI verwaterde het contact. Maar het respect voor de doortastende vakman Thijs Slegers is nooit verdwenen. En tijdens de gesprekken over deze NSP-prijs merkte ik aan talloze collega’s dat zij er ook zo over dachten. De impact van zijn dood en laatste heldhaftige daad is groot geweest. Dat kon via deze onderscheiding eens extra benoemd worden.

Ja, het toekennen van prijzen zal altijd arbitrair zijn – helemaal in dit meninkjesland. Maar meer dan ooit hebben wij het hart laten spreken. Wie kan daar nou moeite mee hebben?

Yoeri van den Busken